Angst voor terreuraanslagen, arrestaties en gedwongen ontslagen. De sfeer in Turkije is veranderd. En daarom trekken veel Turken die er de middelen voor hebben weg. Niemand weet hoeveel het er precies zijn, maar zeker in kringen van wetenschappers, journalisten, hoogopgeleide jongeren en kunstenaars is vertrekken een hot topic.

We spraken met tientallen mensen in Turkije die het land willen verlaten. En ook met mensen in Nederland, die niet meer terug willen.

Na de mislukte staatsgreep vorig jaar juli werden in Turkije massaal coupplegers opgepakt. Maar inmiddels gaat het niet alleen meer om coupplegers, ook andere tegenstanders van president Erdogan worden massaal ontslagen en opgepakt. Deze week nog werden opnieuw bijna 4500ambtenaren, leraren en academici ontslagen.

Volgens critici van de arrestaties hebben veel van hen maar één ding fout gedaan: ze hebben op het werk, in de klas of in onderzoek openlijk kritiek geleverd op de regering.

In seculiere wijken in Istanbul – waar veel jonge, op het Westen georiënteerde Turken wonen – hoef je niet lang te zoeken om de verandering te zien. Makelaars vertellen dat huizenprijzen in de wijken dalen. Het kost dan ook weinig moeite om mensen te vinden die een vertrek uit Turkije voorbereiden en die daar bij een kop koffie best over willen praten.

Voor vrije geesten is er geen toekomst in Turkije.

Journalist in Turkije

Maar omdat het gesprek gaat over repressie en angst, zijn er weinig die hun verhaal voor de camera willen doen. “Tot ik begin maart vertrokken ben, blijf ik onder de radar”, zegt journalist en schrijver Orhan. Orhan is overigens niet zijn echte naam; hij wil anoniem blijven. Hij verhuist met zijn gezin naar Duitsland. “Voor vrije geesten is er geen toekomst in Turkije.”

Orhan heeft de laatste maanden gezien hoe veel collega’s hun baan in de journalistiek verloren. Of zijn opgepakt. Vooral de willekeur en onzekerheid maken dat veel vrienden van Orhan weg willen. “Na de coup in de jaren 80 was het ook erg, maar toen wisten we in ieder geval nog wat de volgende stap zou zijn. Nu is het totaal onvoorspelbaar.”

Tahsin Tarhan, parlementslid voor de oppositiepartij CHP, uitte zijn zorgen over de kennisvlucht. We interviewden hem in Istanbul:

“Er vinden de laatste tijd terreuraanslagen plaats in Turkije, en tegelijk is er economische en politieke onzekerheid. Wetenschappers en afgestudeerde studenten proberen te migreren van Turkije naar andere landen. De Verenigde Staten, Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië hebben hun voorkeur.”

“Turkije is de laatste tijd een één-partij-staat geworden. Dus je kunt alleen werk vinden als je bij die partij hoort. Het systeem is niet meer gebaseerd op wat je kunt.”

“Omdat onze democratie verzwakt, geven onze jongeren de voorkeur aan ontwikkelde landen. Landen met een ontwikkelde democratie. Denk aan Istanbul, de hoofdstad van grote beschavingen. In die stad willen jongeren die wij grootbrengen in dit prachtige land niet blijven. Dat maakt ons verdrietig.”

NOS

Iemand die wel openlijk wil praten, is Salih. Ook hij bereidt op dit moment een verhuizing voor naar Duitsland. “Ik denk dat het niet de goede kant op gaat. De regering negeert meer en meer degenen die anders denken en doet alsof zij niet bestaan. Dat vind ik beangstigend.”

Volgens Salih durven steeds minder mensen openlijk voor hun mening uit te komen, uit angst voor problemen. “Zelfs tijdens dit interview praat ik zachtjes”, zegt hij op een terras in hartje Istanbul. “Waarom zou ik zacht moeten praten? Waarom kan ik niet met een gerust gevoel mijn mening geven? Dat is slecht.”

Van Nederland naar Turkije

De afgelopen jaren zagen we veel Turkse Nederlanders vertrekken naar Turkije. Sommigen gingen vanwege de emotionele band met het land, anderen vanwege economische kansen. Maar ook het politieke klimaat speelde bij sommigen een rol om te vertrekken.

Uit een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt zelfs dat 43 procent van de Turkse Nederlanders het liefst permanent terugkeert naar Turkije. Ook bij de tweede generatie, geboren in Nederland, groeit dat verlangen. Maar een aantal van hen is nu weer terug in Nederland.

Wij spraken met meerdere Turkse Nederlanders, mannen en vrouwen, maar niet iedereen wil openlijk vertellen waarom ze terug zijn. Sommigen zijn bang dat als ze weer naar Turkije gaan, ze daar problemen krijgen.

DenizNOS

“Ik was niet meer verliefd op Istanbul. Ik ben acht jaar verliefd geweest”, zegt Deniz. Hij verhuisde in 2008 naar Turkije om daar een leven op te bouwen. “Toen was Istanbul booming. Iedereen had het erover. Veel jongeren in Nederland die ik niet persoonlijk ken, hoor ik dan via-via zeggen: ‘Je moet écht naar Istanbul. Het is een vette stad. Je moet er echt heen, het is ongelooflijk mooi’.”

Maar nu is hij terug in Nederland. Hij miste vooral zijn familie en vrienden. Maar ook de ontwikkelingen in Turkije spelen een rol.

Deniz vertelt over zijn vrienden in Turkije die weg willen uit Turkije. “Door de ontwikkelingen wilden steeds meer van mijn vrienden die daar geboren en getogen zijn terug. Allemaal hoogopgeleiden. Toen dacht ik: wat doe ik hier dan?”

“Ik denk dat zij zich steeds minder vrij voelden. Op straat voelde je veel meer sociale druk. Neem de persvrijheid: ze zagen dat journalisten werden opgepakt. Journalisten met wie zij het eens waren, dus zij voelden zich ook aangevallen. Mensen die op Twitter negatieve dingen over Erdogan zeggen, worden vervolgd. Daardoor voel je steeds minder de vrijheid om eigenlijk te zeggen wat je wil.”

Het voelde alsof ik met mijn ex had afgesproken waar ik zo verliefd op was, maar nu is het uit.

Deniz

Ook Deniz voelde zich soms minder vrij. “Ik was dj. Ik zag dat mensen steeds minder uitgingen, bijvoorbeeld door de aanslagen. Journalisten die ik volg, die ik goed vind schrijven, werden opgepakt. Dan denk je: dat is mijn mening. Dus als ik die geef op Twitter, word ik dan aangepakt?”

Hij is blij dat hij weer terug is. Vorig jaar is Deniz nog een keertje naar Turkije geweest, maar hij mist het land niet. “Het voelde alsof ik met mijn ex had afgesproken op wie ik zo verliefd was, maar nu is het uit. Je zoekt haar dan op, maar je denkt eigenlijk: het is niet meer zoals vroeger.”