Groot respect en een diepe buiging voor Han ten Broeke.

We kunnen somberen, chagrijnen en precies uitleggen wat er allemaal niet deugt in ons land. Maar Nederland steekt er op zo veel manieren bovenuit. Het is een ondergewaardeerd voorrecht om hier te wonen.

DE BRIEF:

hanfotofinal

aan de voorzitter van de Tweede Kamer,
Mevrouw drs. K. (Khadija) Arib,
Binnenhof 1a
Postbus 20018
2500 EA Den Haag.

Ambt Delden (Hof van Twente), zondag 2 september 2018,

Geachte Voorzitter, beste Khadija,

Dit is de brief die ik hoopte niet nu al – en zeker niet om deze reden – te hoeven schrijven.

Het is met pijn in het hart, dat ik vandaag uit uw midden vertrek. Na bijna twaalf parlementaire jaren moet ik afscheid nemen van iets waarvan ik al sinds mijn twaalfde levensjaar droomde.

Op een gênant jonge leeftijd werd ik lid van de VVD, omdat ik, nou ja, nog iets te jong was voor de JOVD. Het was de tijd waarin heftige discussies werden gevoerd over het plaatsen van kruisraketten. Je moest positie kiezen. Die van mij week wel iets af van die van mijn leraren en de meesten van mijn klasgenoten. Maar het was op die leeftijd dat de wens ontstond om hier ooit te belanden. De wens werd vervuld, maar mijn Kamerlidmaatschap komt nu ten einde. En dat spijt mij enorm. Want ik had er nog heel veel plezier in.

In mijn verklaring van afgelopen donderdag staat alles wat ik over de achtergrond van mijn besluit kan zeggen. En over de fout die mijn vertrek nu bepaalt. Het enige dat ik daaraan nog wil toevoegen is dat er soms situaties kunnen ontstaan in het leven van mensen waarbij zij tegenover elkaar komen te staan. Ieder met de eigen waarheid. Waarna zij besluiten elkaar die waarheid te gunnen, er een streep onder te zetten en door te gaan met hun levens. Voor ingevoerden is een oordeel dan nog wel mogelijk. En in een andere werkomgeving wellicht ook draaglijk. Maar niet in ons glazen huis, met de dynamiek van media en meningen die ons dagritme bepalen en waar oordelen, vooroordelen en veroordelingen even snel geveld als uitgesproken zijn. En dat heb ik mijn familie, mijn vrienden en mijzelf, maar zeker ook mijn fractiegenoten en de partij waarvan ik al zo lang lid ben, niet willen aandoen. En dus vertrek ik.

Het was een enorm voorrecht om dit werk te mogen doen. Een mandaat te hebben van de kiezers. De mijne, de uwe, die van ons allemaal. Je oor te luister leggen, maar niet te laten hangen. Het onbegrip voor de lastige compromissen en dan weer die ene brief met grote dankbaarheid, omdat een persoonlijk probleem is opgelost.
Dat koude station net voorbij Zwolle, na een spreekbeurt die te lang uitliep. De verhitte discussies op Twitter tijdens het Oekraïne-referendum. Het mooie van het zijn van volksvertegenwoordiger is dat je overal komt, iedereen spreekt en eindelijk ook leert luisteren. Want ook ik ging natuurlijk de politiek in om te zenden.

Ik kwam uit Brussel omdat ik vond dat Europa anders verdedigd moest worden. Niet meer Europa in Straatsburg of in Brussel, maar meer Europa in de Tweede Kamer. Met diverse voorstellen, waarvan ik hoop dat u er nog lang gebruik van zult maken, heb ik geprobeerd daaraan een steentje bij te dragen. Sindsdien verloor ik mijn hart aan cultuur, aan de krijgsmacht en aan de buitenland- en veiligheidspolitiek. Ik heb genoten van de debatten met velen van u, de krachtmeting van ideeën, de haalbaarheid van oplossingen.

Maar in de jaren die ik hier mocht zijn, zag ik ook hoe steeds meer partijen in dit Huis het steeds minder met elkaar eens te lijken te zijn. Te willen zijn. Terwijl de werkelijkheid van politiek en bestuur toch is dat we er telkens met elkaar moeten uitkomen. Meerderheden vinden en coalities smeden; het is het DNA van de Nederlandse politiek. Iedereen zit hier om het kiezersmandaat zoveel mogelijk te verzilveren. Maar niemand kan dat zonder de steun van een ander. Wat ons scheidt is minder belangrijk dan wat ons bindt: Nederland verbeteren. Ook ik ben niet wars van gepolariseerde stellingnamen, maar het meeste genoegen beleefde ik toch aan de compromissen die ik met velen van u mocht sluiten. In die zin is het compromis geen landverraad, zoals we vaak op sociale media te horen krijgen. Het is landsbehoud.

Wat ik mij nog beter ben gaan realiseren, is hoe goed we het in dit land hebben. Toen ik samen met een kleine delegatie van de NAVO Parlementaire Assembléé in Washington was, besloten de griffier, enkele senatoren en ik op zondag een auto te huren en af te reizen naar Gettysburg. Daar waar de Amerikaanse burgeroorlog een definitieve wending kreeg en waar Abraham Lincoln de beste politieke speech ooit hield. Onderweg verbaasden we ons over de slechte wegen. Er waren bruggen die we dachten op de terugweg niet meer aan te treffen. De reis duurde lang en was verre van comfortabel. En dit was dus in het grootste, meest vrije en rijke land ter wereld. Bij terugkomst op Schiphol haalde ik binnen een half uur de koffers van de band en zat drie kwartier later hier in de Kamer achter mijn bureau te luisteren naar het nieuws: de Merwedebrug bleek afgesloten, er was een haarscheurtje in een van de pijlers ontdekt. In ons land wordt er dan gelukkig direct ingegrepen. Op het ANP-nieuws haastte de woordvoerder van Rijkswaterstaat zich te melden dat de schade die de transportsector door vertraging zouden oplopen, zou worden gecompenseerd.

We kunnen hier somberen, chagrijnen en precies uitleggen wat er allemaal niet deugt in ons land. Maar Nederland steekt er op zo veel manieren bovenuit. Het is een ondergewaardeerd voorrecht om hier te wonen. En al helemaal om dit land te mogen vertegenwoordigen.

Voorzitter, collega’s – ik mag jullie nog één keer zo adresseren – ik wil niet zeggen dat ons land af is. Ook ik laat onvervulde idealen en ambities achter. Maar het is wel een ontzettend mooi land en ik hoop dat jullie het nog mooier weten te maken. Politiek wens ik jullie dat je net zoveel voldoening haalt uit dit schitterende ambt als ik heb gedaan. En persoonlijk wens ik jullie alle goeds, geluk en gezondheid.

Die laatste wens wil ik ook nadrukkelijk uitspreken naar alle collega’s die ons werk hier van ‘s ochtends vroeg tot diep in de nacht mogelijk maken; de bodes, de postkamer, de catering en restaurantdienst, de griffie, de stenografen, de Dienst Analyse en Onderzoek, het bureau wetgeving, de onvolprezen beveiliging, de inhoudelijke ondersteuning, de schoonmakers en natuurlijk onze geweldige voorlichters, beleids-en persoonlijk medewerkers.

We zagen elkaar soms vaker dan wij onze families zagen. Sterker nog, ik zag jullie soms een beetje als mijn familie. Maar nu ga ik jullie van buitenaf gadeslaan. Laat elkaar heel. Het ga jullie goed. Of om in het Twents af te sluiten: good goan!

Han ten Broeke