„Het gaat goed met Nederland, maar er zijn ook risico’s”, schrijft de CDA-bewindsman in het eerste hoofdstuk. De economie groeit volgend jaar met een royale 2,6 procent. „Daarmee wordt 2019 het zesde jaar op rij met economische groei.”

Groeiende economie

Werd de economie in vroeger jaren nog wel eens door de export aangejaagd, nu signaleert Hoekstra dat het merendeel uit ons eigen land komt. „Doordat het inkomen van huishoudens is toegenomen, consumeren zij in 2018 en in 2019 ongeveer 2,5 procent meer dan daarvoor.” Overheidsbestedingen, investeringen van bedrijven en de export doen ook een duit in het zakje.

Stijgende koopkracht

Het kabinet klopt zichzelf op de borst met de goede koopkrachtcijfers. Die zagen er in augustus al goed uit, maar na overleg in de top van de coalitie zijn die nog verder versterkt. Dankzij deze interventie gaan met name de laagste inkomens er naar verhouding nog wat steviger op vooruit dan eerst. De doorsnee Nederlander ziet zijn koopkracht met 1,5 procent stijgen. Voor werkenden ligt de koopkracht globaal gezien op 1,6 procent, voor uitkeringsgerechtigden op 0,9 procent en voor gepensioneerden op 1,5 procent. In de oppositie leeft overigens breed een gevoel dat het nog maar de vraag is of Nederlanders überhaupt in hun portemonnee zullen merken dat het beter gaat, bijvoorbeeld door stijgende belastingen.

Belastingen

Het kabinet gaat aan de slag met het belastingstelsel. Zo gaat de inkomstenbelasting omlaag. Tegelijkertijd wordt het lage btw-tarief, dat voornamelijk voor eerste levensbehoeften geldt, omhoog geschroefd van zes naar negen procent. Ook tikken hogere milieubelastingen en vennootschapsbelasting aan in de schatkist. De hele verbouwing levert volgens Hoekstra per saldo 200 miljoen lagere lasten op.

Personeelstekorten

De sterke economie zorgt ervoor dat de Nederlandse arbeidsmarkt krapper in zijn jasje komt te zitten. Hoekstra wijst erop dat bijvoorbeeld de bouw een schreeuwend tekort aan mensen heeft. Twee van de vijf bouwbedrijven kampt met een tekort aan werklui. Ook in de sectoren ict en transport is men naarstig op zoek naar personeel. De krapte op de arbeidsmarkt hangt samen met de verder dalende werkloosheid. 320.000 mensen uit de beroepsbevolking hebben volgend jaar geen werk, terwijl tegelijkertijd het aantal langdurig werklozen ook daalt. Daarmee zit de werkloosheid op het laagste niveau sinds 2001.

Hogere lonen…

Voordeel hiervan is volgens Hoekstra wel dat werkgevers hun personeel beter gaan belonen. „Door het werk in hun sector aantrekkelijker te maken met betere arbeidsvoorwaarden en arbeidsbesparende technologie.” Niet alleen in de zorg en in het onderwijs, maar ook bij de politie, defensie en in de rechtspraak ontstaan personeelstekorten, waarschuwt de CDA-bewindsman. Dit betekent een opgave voor het kabinet.

…maar ook hogere prijzen

De lonen gaan weliswaar sterker stijgen dan dit jaar, maar die moeten ook ergens van betaald worden. En dus worden hogere prijzen in de supermarkt verwacht, naast de reeds vermelde verhoging van het lage btw-tarief. Dit werkt een hogere inflatie in de hand; Nederlanders krijgen weliswaar meer euro’s om te besteden, maar ze kunnen van één euro iets minder kopen dan bijvoorbeeld dit jaar nog het geval is.

Groningen

Extra geld wordt uitgetrokken voor de ondersteuning van de regio Groningen, de voorbereidingen van Douane en NVWA op de Brexit en de oprichting van het ministerie van Landbouw. Daarnaast rekent het kabinet op 300 miljoen euro minder aan gasinkomsten.

Investeringen

De minister lijkt er in geslaagd om de financiële verlanglijst van VVD, CDA, D66 en CU grotendeels onbeantwoord te laten. Hij houdt het liever bij de in het regeerakkoord reeds aangekondigde uitgaven. Zo gaat er conform afspraak bijna twee miljard extra naar onderwijs, ruim een miljard naar defensie, een miljard naar infrastructuur en een half miljard naar veiligheid.

Opvallend is overigens dat het totale bedrag dat aan uitkeringen wordt uitgegeven weer iets hoger ligt dan aan de zorg. In de afgelopen jaren was juist de zorg de grootste post op de Rijksbegroting. Het kabinet houdt er intussen rekening mee dat de zorgpremie per maand een tientje duurder wordt; het eigen risico blijft gelijk op 385 euro.

Uitdagingen

Hoekstra verwacht dat het komend jaar voor het kabinet in teken zal staan van de uitwerking van het klimaatakkoord. Hier zit een belangrijk addertje onder het gras voor huishoudens. Maatregelen die de CO2-uitstoot moeten beperken moeten ergens van betaald worden. Die maatregelen zijn er nu nog niet. Onduidelijk is daarom ook het prijskaartje en wat dat betekent voor belastingbetalers.

De minister denkt dat zijn collega’s verder druk zullen zijn met arbeidsmarktwetgeving, een mogelijk pensioenakkoord en maatregelen op de woningmarkt. Ook internationale ontwikkelingen, zoals op de financiële markten, kunnen nog effect hebben op het huishoudboekje van de staat.

Woningmarkt

De woningmarkt kan risico’s opleveren, waar zowel mensen met een koopwoning als huurders last van kunnen hebben. „Snelle prijsgroei is een nationaal fenomeen”, schrijft de minister van Financiën in de Miljoenennota, die vermeldt dat huizen nu duurder zijn dan ooit. „Er staan steeds minder huizen te koop, het aantal transacties daalt, huizen worden sneller verkocht en veel huishoudens verwachten dat de prijzen verder stijgen.”

In de huursector is volgens Hoekstra een groot tekort aan woningen „waarbij vooral de beschikbaarheid van middeldure huurwoningen onder druk staat.” De woningmarkt is daarmee reden tot zorg voor het kabinet. „Het is moeilijk vast te stellen of er sprake is van een zeepbel, waarin de prijzen steeds verder stijgen, omdat de huizenkopers speculeren op toekomstige prijsstijgingen.”

Oververhit

De grote vraag is hoe lang het goed blijft gaan met de economie. „Er is nog geen duidelijk bewijs dat de economie als geheel oververhit is”, schrijft Hoekstra. „De recente groei was deels inhaalgroei na de financiële crisis. Het wordt de komende decennia moeilijker deze bbp-groei vast te houden”, waarschuwt de bewindsman. Voor Nederland ligt daarom de duurzaam vol te houden economische groei zo rond de 1,5 à 2 procent per jaar, al is deze moeilijk te schatten, en in de toekomst lager.

Daarom blijft het belangrijk om het geld nu niet over de balk te smijten, waarschuwt de voorzichtige minister.

„Door zorgvuldig om te gaan met belastinggeld, gericht te investeren en de staatsschuld af te lossen, verstevigt het kabinet de basis onder onze welvaart. Voor nu, en voor in de toekomst.”