Antwoord op de column van  https://www.maartenonline.nl/nl/artikel/50238/heeft-links-nog-toekomst.html?utm_source=FB_MA_2312_links&utm_campaign=FB_MA_2312_linksB

SCROLL VERDER VOOR ANTWOORD OP DE COLUMN van Maarten van Rossum, maar lees ook het verhaal van  Rick de Boer over de huidige politiek.

Het gaat idd goed met de bv Nederland. En ja, in grote mate dankzij ‘t VVDbeleid en Mark Rutte die als manager alle (onmogelijke) partijen weet te laten samen werken. Bezuinigingen etc zorgen er voor dat de kosten niet absurd hoog oplopen. Dat dit is gelukt ondanks een economische crisis, toenemende miljardenuitgaven aan zorg, onderwijs, veiligheid, asiel- en migratie/integratie etc, en, met gigantisch terug gelopen staatsinkomsten dankzij verminderde gaswinning maakt het alleen maar meer imponerend. De kosten zijn dus absoluut niet verminderd, juist enorm veel hoger geworden. Wel is de verhouding inkomsten-uitgaven fors verbeterd ten faveure van de inkomstenkant. En ja dat is dankzij ‘t VVD aandeel in ‘t coalitieakkoord. Zonder een goed draaiende economie zou dit alles niet mogelijk zijn. Grotendeels de enorme inkomsten dankzij export /overslag, maar ook consumptie is toegenomen. Meer en meer mensen ( deels) uit de bijstand/uitkering ( kosten), en (deels) aan ‘t werk (inkomsten). Daar moet de focus op blijven liggen. Meer mensen aan ‘t werk, is minder uitgaven dus minder belastingen, is dus meer consumptievermogen (bij de burgers), en dat creëert weer meer werk ( dus een positieve vicieuze cirkel). En, die twaalf miljard die nu netto over is gebleven? Wmb gelijkop verdelen onder de Groninger huizenbezitters. Zeg maar als voorschot op genoegdoening tbv de geleden schade. Of, bouw er twee kerncentrales van zodat iedere Nederlander goedkoop stroom heeft, mede om over twaalf jaar z’n elektromobiel vooruit te krijgen ( kan iedereen tenminste naar z’n werk, ook als je géén Teslacenten hebt), en, de Nederlandse overheid is dan in één keer af van (foute) buitenlandse energieleveranciers. En dan de Groningers 50jaar lang 50% korting op de energienota.R

De linkse partijen maken een onzakelijke indruk. Wat zouden ze anders moeten doen? Als men zo doorgaat dan voorzie ik ook een negatieve spiraal, het einde van links. Wel is zeker dat zolang rechts bestaat (liberalisme), het tegenkrachten zal oproepen (socialisme). Onderscheid vandaag tussen “links en rechts”zijn sociaal-economisch van aard. Links wil wel eens vergeten dat er nu, maar vooral in de toekomst eten op de plank moet. Dit betreft het voortbestaan van bedrijven en gemaakte winsten uit de bedrijven.

We leven in een verzorgingsstaat, waar iedere Nederlander (als men werkt) aan mee betaald. De succesvolle ondernemers moesten dan ook het meeste bijdragen. Kabinet Joop den Uyl 1973 -1977 bracht de verzorgingsstaat naar een onbetaalbare hoogte. Het bestond uit bewindslieden van de PvdAD’66PPRKVP en ARP onder leiding van PvdA’er Joop den Uyl . Na 1977 barstte de strijd los om de gunst van de kiezer en beloftes (partij standpunten) konden niet meer worden nagekomen. Joop den Uyl had kunnen voorzien dat het voor de toekomst fout zou gaan en het zijn partij geen goed zou doen. _

Voor de Tweede Wereldoorlog werden met ‘rechts’ de confessionele (later het CDA)  partijen bedoeld. De linkse partijen pleitten voor een strikte scheiding tussen politiek en godsdienst. Na 1945 verdween deze en werd ‘links’ de aanduiding voor politieke stromingen die de kapitalistische economie bestreden of op z’n minst wilden beteugelen. Links is in Nederland lange tijd gedomineerd door de sociaal-democratie, bestaande uit een brede volkspartij (SDAP/PvdA) en de aan haar gelieerde vakbeweging (NVV/FNV). Ook latere ultralinkse partijtjes als de Pacifistisch-Socialistische Partij (PSP) en de Politieke Partij Radicalen (PPR).  Na de val van de Muur zijn de krachtsverhoudingen binnen links gewijzigd.

———————————————————————————————————–

GroenLinks steeg boven het niveau van de voormalige fusiepartners uit.

Sinds 1994 is de SP een electorale factor, dankzij de onvrede binnen links Nederland. De PVDA kon niet meer voor Sinterklaas spelen en had moeite met het op peil houden van onze verzorgingsstaat. Een dubbeltje kun je maar één maal uitgeven. Dit heeft ertoe geleid dat de PvdA sterk in het gedrang is gekomen en sinds de Tweede Kamerverkiezingen van 2017 haar dominante positie zelfs is kwijtgeraakt.

———————————————————————————————————- 

OORZAAK.

De PVDA (Samson) heeft ingezien dat men het volk de waarheid moest vertellen en men de hand op de knip moest houden. De verzorgingsstaat was uitgegroeid tot een van de besten van de wereld. Samson wist dat, wilde men die betaalbaar houden, de rem er op zijn minst op moest. De grote vraag bleef of de PVDA kiezer het ook zou begrijpen. (bleek later Nee dus)

Nederland was en is na Zwitserland het beste land ter wereld.

 Zowel de SP als Groen Links deed hier opnieuw hun voordeel mee. U (kiezers) vraagt en wij draaien op volle toeren. Nou ja wel tot hier en niet verder.

 SP, regeringsverantwoordelijkheid uitgesloten en is achteraf ook gebleken. Groen Links deed net of men wel verantwoordelijkheid durfde te nemen. Even aanhoren en weg wezen. Zo konden deze twee beloftes doen richting de kiezers, want men wist dat er alleen maar oppositie voor hen was weggelegd. 

 Jesse Klaver werd bejubeld als jonge, frisse, inspirerende leider, maar in de huidige media wereld blijft een politicus niet lang jong, fris en inspirerend. Maar bij een dergelijk persoonlijkheid behoort ook verantwoordelijkheid en als een goede huisvader op de kleintjes te letten.

______________________________________________________________________

Het grote probleem waarmee links kampt, is dat rechts – aanvankelijk bestond uit CDA en VVD, en sinds 2002 zijn daar de rechts-populistische partijen bij gekomen – al ruim 35 jaar het initiatief naar zich toe heeft getrokken. Na de ‘rode jaren zeventig’ kwamen de kabinetten van Ruud Lubbers. Hij zei de puinhopen van het kabinet-Den Uyl te zullen opruimen. 

Zowel de PVV van Wilders als FVD van Thierry Baudet, hebben als dictators maar één doel: “ oproer zaaien onder de burgers en stemmen halen van zowel links als rechts”. Het zijn verenigingen en zeker geen politieke partijen. Regeringsverantwoordelijkheid willen ze niet en zit er ook niet in (de burger wil maar één ding en dat is behouden wat ik heb en het liefst nog meer). PVV en FVD weten daar goed mee om te gaan: ”Bij ons krijgt U wat U wilt, althans met de mond.”

______________________________________________________________________

Uit column Maarten van Rossum: ”Na de ‘rode jaren zeventig’ kwamen er de ‘no-nonsensekabinetten’ van Ruud Lubbers.”

_____________________________________________________________________

Crisis jaren tachtig. Het was MP Ruud Lubbers die samen met de VVD deze crisis tot een goed einde hebben gebracht. De crisis in de jaren tachtig was heftig, maar duurde veel korter dan de crisis in 2010. Werkgelegenheid, woningprijzen en het bbp begonnen destijds al na twee jaar weer te stijgen. Destijds leidde het loslaten van de vaste wisselkoersen van het Bretton-Woods systeem in 1973 tot een instabiel economisch systeem. Nederland koppelde de gulden aan de sterke Duitse mark, waardoor de gulden uiteindelijk overgewaardeerd raakte. Daarbovenop kwam de oliecrisis van de jaren zeventig.

________________________________________________________________________

De werkelijkheid is dat door de opstelling en zienswijze van de PVV, FVD, SP en ook Groen Links de kiezers op een dwaalspoor worden gebracht. Eigenlijk is het heel eenvoudig:  is een kiezer ontevreden, dan is hij welkom bij de genoemde partijen. Wat bereikt men er mee, “NIETS “ want ze gaan en kunnen het niet waar maken.

__________________________________________________________________________

PVDA minister Wim Kok.

Van 1994 tot 2002 was hij ministerpresident van Nederland. Minister-president die acht jaar lang een coalitie leidde met daarin de politieke tegenvoeters PvdA en VVD (de paarse kabinetten). Hij was van betrekkelijk eenvoudige komaf en klom via de vakbond op tot minister. Vervolgens Volgde in 1986 Den Uyl op als partijleider en hij was minister van Financiën in het derde kabinet-Lubbers.

Hij voerde een streng ombuigingsbeleid. Dat beleid werd onder zijn premierschap voortgezet en leidde tot groei van de werkgelegenheid. Hij kreeg als minister-president te maken met het debacle in Srebrenica en de bijna-crisis rond het huwelijk van de kroonprins. Zijn tweede kabinet was vooral in de laatste periode minder succesvol door het op pijl houden van de zorg en het onderwijs en dat leidde mede tot een verkiezingsnederlaag van de PvdA. 

De sociaal-democraten probeerden in te zien dat de liberalen er voor alle burgers waren en de verzorgingsstaat onbetaalbaar was geworden. Onder leiding van PvdA-premier Wim Kok werd flink gesnoeid in sociale voorzieningen en werd de arbeidsmarkt drastisch ‘geflexibiliseerd’, waardoor de burger dacht dat de toekomst van werknemers onzekerder zou worden.

Hiermee gingen Kok en de PvdA  in tegen de sociaal-democratische traditie die al vanaf de jaren dertig gericht was op beheersing van het kapitalisme en het optuigen van een verzorgingsstaat. Links en rechts hebben de verzorgingsstaat omgebouwd tot comfortabele hangmat. Toen deze om economische redenen werd versoberd, vroegen velen zich af of de PvdA nog wel opkwam voor ‘de gewone man’. Het was vooral de SP die daar garen bij spon.

­­­­­­­­­­­­­­­­­­__________________________________________________________________________

Veel ideeën van links uit de jaren zeventig waren sterk ideologisch gekleurd, maar ook voor de liberalen was dit erg belangrijk, betreft privatisering en marktwerking om aan een zekerder toekomst te kunnen bouwen voor alle burgers.

 Op sommige terreinen, zoals de markt van de snel opkomende mobiele telefonie, werkten deze principes uitstekend, maar bij nutsvoorzieningen zoals de spoorwegen, energievoorziening, zorg en volkshuisvesting moest nog een inhaalslag worden gemaakt. Gezien de huidige behaalde resultaten en gezien de omstandigheden lijkt het positief, maar betreft verdere uitwerking heeft het zijn tijd nodig. De PvdA en ook rechts mogen zich terecht op de borst kloppen.

__________________________________________________________________________

De PvdA voelde terecht verantwoordelijkheid en probeerde een compromis te sluiten met rechts, om de verzorgingsstaat op pijl te houden. Dan te bedenken dat de SP zich louter behoudend opstelde en elke aanpassing van de verzorgingsstaat op voorhand afwees. En hoewel GroenLinks duidelijk bezwaren uitte tegen het liberalisme, wist ook deze partij niet met een eigen, sociaal alternatief te komen. Vooral onder Femke Halsema ging GroenLinks steeds meer op een extra groen D66 lijken.

GroenLinks:  De partij werd op 19 mei 1989 in de Beurs van Berlage in Amsterdam met trots aangekondigd. De partijen PSP, EVP, PPR en CPN zouden voortaan doorgaan als de nieuwe partij GroenLinks. Vanaf dat moment was de Communistische Partij opgegaan in GroenLinks.

___________________________________________________________________________

Bijzonderheden in deze tijd waren vooral de media en dat sommige column schrijvers hun bekje te groot hadden, richting de verantwoordelijke partijen. Het was hun wijze van sensatie zoeken om aandacht te trekken op hun geplaatste media. Betreft de problemen rond immigratie lieten de media behoorlijk van zich horen, soms terecht en soms onterecht.

Neiging tot kritiek vanuit Maarten van Rossum klopt helemaal:

”waar rechtse politici en publicisten wel gelijk in hadden, was de kritiek op het linkse denken zoals zich dat vanaf de jaren zestig van de twintigste eeuw had ontwikkeld. Het doorgeschoten individualisme, de exclusieve nadruk op rechten, terwijl plicht en eigen verantwoordelijkheid vieze woorden waren geworden, de weinig kritische houding tegenover linkse dictaturen, de omarming van de postmoderne opvatting dat alle oude waarheden en traditionele waarden ter discussie gesteld moesten worden en elk moreel oordeel over andere culturen verdacht was – deze kritiek was terecht. Maar ze was allesbehalve nieuw, en werd bovendien ook geuit door allerlei denkers die zichzelf nog altijd als links beschouwden –

Want als één neiging typerend is voor links, dan is dat de neiging tot kritiek. Kritiek op de uitwassen van het kapitalisme, kritiek op de tekortkomingen van de bestaande politieke orde, kritiek op het denken van politiek tegenstanders, en kritiek op verkeerde opvattingen en gebrekkige argumenten in het eigen kamp. 

Waar rechts sterk geneigd is de gelederen te sluiten, lijkt links verzot op het bekritiseren van geestverwanten. Er bestond vooral binnen de sociaal-democratie een lange traditie van serieuze kritiek, die ook de eigen standpunten nauwgezet onder de loep nam. Hoewel dit er mede toe heeft geleid dat de omgangsvormen binnen links vaak abominabel zijn, is dit in beginsel prijzenswaardig.

Sommige linkse kringen winden zich vooral op over genderneutrale rompertjes en white privilege

Toch kleeft er nog een nadeel aan: kritiek leveren is immers iets anders dan een positief, aansprekend programma formuleren. Wie het neoliberalisme bekritiseert, heeft hiermee nog geen alternatief geschetst. En het is op dit punt dat de sociaal-democratie al decennia tekortschiet. De scherpste kantjes van het neoliberalisme af vijlen, de boel bij elkaar houden, op de winkel passen – dat hebben de sociaal-democraten met volle inzet gedaan. Maar ondertussen zijn de meeste kiezers weggelopen omdat ze van andere partijen meer verwachten. Of dat terecht is valt nog te bezien, maar dat een duidelijk sociaal-democratisch alternatief ontbreekt, kan moeilijk worden ontkend.”

Deze tekst komt uit de column van Maarten van Rossum (Hier kan ik mij in vinden).

­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­Heel lang kon de sociaal-democratische ideologie worden teruggebracht tot twee woorden: rechtvaardigheid en solidariteit. Twee waarden die gewaarborgd moesten worden door de rechtsstaat en de verzorgingsstaat, twee projecten die nooit ‘af’ zijn en voortdurend onderhouden moeten worden. Heel lang werd het streven naar sociale rechtvaardigheid gekoppeld aan economische groei en stijgende welvaart, maar inmiddels is duidelijk dat daar een grens aan zit. Het zal betaalbaar moeten blijven en dat is niet altijd het geval. De tering naar de nering blijven zetten zijn juiste woorden bij deze tekst.  

Tegelijkertijd bestaat er in sommige linkse kringen sterk de neiging om een identiteitspolitiek in stelling te brengen die zich volledig richt op allerlei minderheidsgroeperingen, in plaats van het overeind houden van de verzorgingsstaat. Ook hier wordt vooral gekeken naar wat, en vooral wie, er niet deugt, terwijl er nauwelijks moeite wordt gedaan om met een positieve schets van een rechtvaardige en sociale samenleving te komen. 

Nu er een einde is gekomen aan allerlei illusies uit de jaren zestig en zeventig wordt het tijd om met een nieuw, positief verhaal te komen. Een verhaal over de balans tussen individualisme en gemeenschapszin, over rechtvaardigheid en duurzaamheid, en over de politieke middelen om deze doelstellingen te verwezenlijken. Hierin zou men een voorbeeld kunnen nemen aan de linkse VVD’er Mark Rutte. De man die naast bruggenbouwer ook links en rechts tot een succes kan maken. VVD  met de PVDA heeft verbonden, het paarse kabinet.

Mijn VVD. Waar staan wij als liberalen voor:

De VVD denkt en werkt vanuit het liberalisme. Dat betekent dat wij een samenleving willen waarin mensen zo veel mogelijk vrijheid hebben. De VVD heeft vijf liberale kernwaarden: vrijheid, verantwoordelijkheid, verdraagzaamheid, sociale rechtvaardigheid en de gelijkwaardigheid van alle mensen.

Vrijheid

Vrijheid van de mens is onmisbaar voor ontplooiing. We bedoelen dan vrijheid op geestelijk, staatkundig en materieel gebied. Deze vrijheid komt ieder mens toe, zonder enige discriminatie. De vrijheid moet zo groot mogelijk zijn. Er zijn wel grenzen aan persoonlijke vrijheid. De vrijheid van de één mag de vrijheid van de ander niet belemmeren. En we moeten oog hebben voor de belangen van toekomstige generaties.

Verantwoordelijkheid

Vrijheid beleef je alleen wanneer je ook besef hebt van verantwoordelijkheid, vinden liberalen. Een mens moet de gevolgen van zijn daden zelf dragen. Kan een mens zichzelf niet redden, dan moeten we helpen. Maar daarvoor mag besef voor verantwoordelijkheid niet verdwijnen. Individuele verantwoordelijkheid vinden we ook een onderdeel van menswaardigheid.

Verdraagzaamheid

Verdraagzaamheid is onlosmakelijk verbonden met vrijheid. De ware vrije mens laat ook anderen vrij. Worden grenzen van het maatschappelijk toelaatbare overschreden? Dan moet de overheid ingrijpen. Ook is verdraagzaamheid tussen verschillende groepen noodzakelijk. De VVD verwerpt de klassenstrijd en de terreur van minderheden of meerderheden. We moeten in gemeenschapsverband kunnen leven. Daardoor leven we met een bepaalde gebondenheid. Deze is echter geen beperking. Het is juist een voorwaarde om de vrijheid van iedereen te verzekeren. De overheid bepaalt de mate en vorm van deze gebondenheid . Daarbij moet de overheid zo groot mogelijke geestelijke, staatkundige en maatschappelijke vrijheid waarborgen voor iedereen.

Sociale rechtvaardigheid

Sociale rechtvaardigheid moet bevorderd worden. Daarmee schept de overheid gelijke kansen voor iedereen. Eventueel verleent de overheid bijstand. Niet iedereen heeft dezelfde mogelijkheden. Maar gelijke ontwikkelings- en ontplooiingkansen zijn een liberaal verlangen. Het waren de liberalen die begonnen met de bouw van sociale wetgeving.

Gelijkwaardigheid

Mensen zijn niet gelijk. Wel gelijkwaardig. Iedereen heeft recht op ontplooiing. Iedereen heeft recht op vrijheid in geestelijk, staatkundig en materieel opzicht. Deze rechten zijn ongeacht geestelijke overtuiging, huidskleur, nationaliteit, seksuele geaardheid, geslacht of maatschappelijke positie. Discriminatie is uit den boze.